Opleidingen

Stichting Nederlands Opleiding en Kenniscentrum voor Arbeid onder Overdruk – kortweg NOK – heeft als hoofddoelstelling “belangenbehartiging civiele sector Beroepsduikend Nederland”. In het kader van de doelstelling wordt de kennis van de civiele duiksector verzameld en beheerd dat door de duikindustrie in het kader van wet- en regelgeving onbezoldigd wordt verstrekt. Als uitvloeiing hiervan wordt - zonder winstoogmerk - opleidingen voor het werkveld ontwikkeld en verzorgd. Deze activiteit draagt ook bij tot de totstandkoming van het Kenniscentrum en vloeit deze kennis weer terug naar de sector werken onder overdruk. Zowel werkgevers als werknemers hebben hier profijt van. Daarnaast wordt de continuïteit van de opleidingen gewaarborgd.

Duikarbeid is een risicovolle beroepsactiviteit. Om het maatschappelijke belang – veiligheid en gezondheid van en rondom de arbeid – te waarborgen, is door de overheid gekozen voor een wettelijk verplichte certificatieregeling voor de borging van de vakbekwaamheid van personen in de sector Werken onder Overdruk, waaronder duikarbeid valt.

Eén van de instrumenten die het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) inzet om veilige en gezonde arbeidsomstandigheden te bevorderen, is certificatie. Producten als liften, houtbewerkingmachines en drukvaten zijn voorbeelden van gevaarlijke werktuigen waarmee het beter niet fout kan gaan. Ook werkzaamheden als duikarbeid, asbestverwijdering, werken met explosieven en het afsteken van professioneel vuurwerk zijn risicovolle beroepen. Bedoeling van het certificaat is, dat de gebruiker een ‘gefundeerd vertrouwen’ mag hebben dat aan de te stellen eisen is voldaan. In de werkveldspecifieke certificatieschema's staan de eisen waaraan de certificaathouders (beroepsbeoefenaren) moeten voldoen en waarop de certificerende instellingen moeten toetsen. Tevens is het opleidingscurriculum omschreven. 

Voor meer informatie verwijzen wij u naar de website van de Beheerstichting Werken onder Overdruk – kortweg SWOD

Naast de in het Werkveldspecifiek certificatieschema omschreven certificeringsproces voorziet een dergelijk schema ook in eisen waaraan de opleiding moet voldoen. SWOD heeft derhalve in samenwerking met de drie certificerende instellingen een protocol Erkenning Opleidingsinstellingen opgesteld. 

Stichting NOK is een erkende opleidingsinstelling conform het SWOD Protocol Erkenning Opleidingsinstellingen per 30 september 2015. De erkenning is verstrekt voor 3 jaar. Daarnaast is NOK tevens NEN ISO 9001 gecertificeerd in de sector 37 opleidingsinstellingen.

De examenkandidaat wordt door een door de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aangewezen certificerende instelling getoetst conform het SWOD Toetsplan. 

Stichting NOK verzorgt zowel de wettelijke als de niet-wettelijk verplichte opleidingen. Opleidingen kunnen zowel inhuis als op locatie verzorgd worden.

Locatie Opleidingen

De regulier aangeboden opleidingen worden tenzij anders vermeld verzorgd in Dorpshuis Gelre’s End, Molendijk 1 te Hedel (http://www.dorpshuisgelresend.nl/index.php/contact )

Opleiding inhuis en/of op locatie is mogelijk. Een offerte kan aangevraagd worden.

De genoemde tarieven zijn inclusief certificeringsproces en 1 herexamen theorie - mits gebruik gemaakt wordt van het inzagerecht en de gestelde termijnen voor herexamens + begeleiding naar herexamens toe. (e.e.a. in overleg met betrokken docenten).

Zie hieronder uitgebreide informatie over de Opleidingen 

Wettelijk verplichte Opleidingen 

Onderstaande opleidingen worden in het regulier rooster aangeboden.

  • Duikmedisch Begeleider B1
  • Duikmedisch Begeleider B2
  • Duikploegleider (A1 tem B4)
  • Duikarbeid (zie Noorse opleiding)
  • Verdiepingsopleiding Duikerarts

Herintreding - module

De kandidaat die beschikt over een certificaat waarvan de geldigheidsduur is verlopen en/of niet voldoet aan de eisen gesteld aan de procedure tot hercertificatie, moet een initiële certificatie aanvragen bij de certificerende instelling. Het is mogelijk dat de certificerende instelling, uit het oogpunt van veiligheid, als aanvullende maatregel oplegt dat de kandidaat eerst een opleiding(module) moet volgen alvorens een examen (praktijk/theorie) afgenomen kan worden.
Stichting NOK kan zo’n module verzorgen. U kunt een verzoek tot offerte sturen aan post@nokwoo.nl  Alleen het cursusboek wordt niet verstrekt omdat het cursusboekl onderdeel is van het totale lespakket. 

Niet-wettelijke opleidingen

Conform artikel 8 van de Arbowet is de werkgever verplicht onderricht te verzorgen als dat de veiligheid ten goede komt. Steeds meer opdrachtgever eisen dit ook bij het verlenen van een werk.

Onderstaande trainingen kunnen verzorgd worden op offertebasis

Stichting NOK kan op korte termijn zorgdragen voor de training:

  • Gebruik Hogedrukspuit onder water
  • Diving Safety Course
  • Diver Emergency Training (De DET is uitgebreider dan de praktijkproef hercertificatie - derhalve wordt bij deze training ook de vierjaarlijkse praktijkproef afgenomen en afgetekend)

Instructeurs en Docenten

Het beleid van het Bestuur van Stichting NOK, waarin zijn vertegenwoordigd:

  • NADO: Vier leden van de Vereniging Nederlandse Associatie van Duikondernemingen www.nado.nu , de brancheorganisatie van duikbedrijven. De NADO-leden zijn opdrachtgevers van de zelfstandige ondernemers in de sector.
  • Nautilus International: vakbond en professionele organisatie die ruim 22.000 civiele maritieme professionals en professionals in de binnenvaart www.nautilusint.org/nl
  • Opdrachtgevers: Vereniging IRO, de brancheorganisatie van Nederlandse toeleveranciers voor de Olie- en Gaswinning  www.iro.nl

is gestoeld op Veiligheid en Kwaliteit.

De instructeurs en docenten conformeren zich aan dit beleid.

Aan het einde van de opleiding ontvangt de cursist in het kader van de klanttevredenheidsonderzoek een evaluatieformulier om de opleiding, de locatie en docenten/instructeur maar ook de administratieve ondersteuning te beoordelen.

Er is voorzien in een bezwaar- en klachtenprocedure

NOK Praktijktoets Hercertificatie

De huidige Werkveldspecifieke Certificatieschema’s Werken onder Overdruk Duikarbeid en Duikploegleider zijn van toepassing. Beide huidige certificatieschema’s schrijven in hoofdstuk 11 dat bij hercertificatie een vooraf aangekondigde praktijkexamen (proeve van bekwaamheid volgens het SWOD Toetsplan maar civiele sector prefereert de term praktijktoets ) moet worden afgenomen door een door de certificerende instelling, NDC-CI, getrainde duikploegleider. Daarnaast moet de bestaande duikploegleider in het kader van hercertificatie ook een theorie-examen doen.

Voor informatie over de training door de certificerende instelling van bestaande duikploegleiders, gelieve contact op te nemen met post@ndcci.nl

Afname Praktijktoets Hercertificatie door Stichting NOK
Wilt u niet zelf uw duikploegleiders een training laten volgen en/of hebt u op dit moment geen ruimte daarvoor dan kan Stichting NOK voor u op de door u gefaciliteerde duiklocatie een dagdeel verzorgen voor het afnemen van de praktijktoets duikers en/ of duikploegleiders. 

Door NOK geplande dagen
Stichting NOK plant ook regelmatig dagen. 

Vraag naar de uitgebreide informatie middels een emailbericht aan post@nokwoo.nl

 

Opleiding Duikarbeid

Duikarbeid is een risicovolle beroepsactiviteit. Om het maatschappelijke belang – veiligheid en gezondheid van en rondom de arbeid – te waarborgen, is door de overheid gekozen voor een wettelijk verplichte certificatieregeling voor de borging van de vakbekwaamheid van personen die belast worden met duikarbeid.

Het Werkveldspecifiek Certificatieschema WOD D Bijlage XVIc Arbeidsomstandighedenregeling beschrijft de eisen die gesteld worden aan de persoon die duikarbeid verricht.

Voor meer informatie over het beroep Duiker ga naar pagina Beroepsduiker worden 

Duur opleiding: afhankelijk van het categorie en niveau van intreding

Certificering: De aanvrager dient in overeenstemming met dit certificatiereglement een aanvraag in voor het Persoonscertificaat Duikarbeid bij een certificerende instelling (CI). Vervolgens verstrekt de CI alle relevante informatie over de gang van zaken bij het gehele certificatieproces.

Namens de cursist zal Stichting NOK de aanvraag begeleiden. De aanvraag wordt vooraf aan de opleiding aangekondigd. De kandidaat dient wel zelf het aanvraagformulier in te vullen en een certificatieovereenkomst aan te gaan met de certificerende instelling. 

Entreecriteria initiële certificering: De kandidaat wordt toegelaten tot het certificatieproces ter verkrijging van het wettelijk vereiste persoonscertificaat duikarbeid met aantekening van gewenste categorie indien hij voldoet aan de volgende entreecriteria:

  1. hij heeft de leeftijd van minimaal 18 jaren bereikt;
  2. hij kan een getuigschrift van een opleiding overleggen of een bewijs van toelating tot een theoretische en praktische opleiding in het verrichten van duikwerkzaamheden in de subcategorie waarvoor het certificaat aangevraagd wordt, en welke opleiding voldoet aan de volgende eisen:
  3. de betrokken opleidingsinstelling moet voor het geven van de betreffende opleiding blijkens een openbaar gemaakte lijst door de CI zijn erkend op grond van vooraf kenbaar gemaakte kwalificatie-eisen.
  4. in alle gevallen moet de door de kandidaat gevolgde opleiding blijkens een door de opleidingsinstelling afgegeven getuigschrift, het duiker-logboek en het portfolio van de kandidaat aantoonbaar voldoen aan de eisen die dit certificatieschema stelt aan het betreffende opleidingscurriculum.
  5. Hij is in het bezit van een geheel ingevuld duikerlogboek dat voldoet aan de volgende eisen:
  6. het is voorzien van een pasfoto;
  7. het vermeldt dat de kandidaat duikmedisch is goedgekeurd door een duikerarts;
  8. het vermeldt de duiken die zijn verricht.

Geldigheidsduur van het certificaat: De geldigheidsduur van het certificaat is op grond van de risicoanalyse 4 jaar. De risico’s van de werkzaamheden worden beperkt door praktische bedrevenheid in de verrichtingen, vertrouwdheid met de werkomgeving en bekendheid met het functioneren van een duikploeg. De periode van 4 jaar is voor de certificaathouder noodzakelijk om deze doorlopende beroepservaring te onderhouden. 

Dit aantonen van de doorlopende beroepservaring dient ook na 2 jaar na datum van uitgifte van het certificaat plaats te vinden.

Gedurende de looptijd gelden de volgende condities waar de certificaathouder zich aan moet houden:

  1. De certificaathouder blijft actief bij duikarbeid;
  2. De certificaathouder maakt ten minste 20 duiken in de subcategorie A1, A2 en B1 dan wel voor de overige subcategorieën (A3, B2, B3 en B4) ten minste 30 duiken in elke periode van 24 maanden. Voor de categorie C geldt tevens dat er in 24 maanden tenminste 10 keer een bell-run (gesloten bel) is gemaakt, waarbij 5 keer is opgetreden als bell-man en waarbij 5 keer een lock out is gemaakt.

Voor details de 4-jaarlijkse hercertificatie zie hoofdstuk 11 van het werkveldspecifiek certificatieschema werken onder overdruk duikarbeid ofwel de WSCS WOD D 

Er zijn acht wettelijk verplichte certificaten beroepsduiken / duikploegleider:

Duikarbeid Categorie A1
Duiken met SCUBA tot 9 meter (Self Contained Underwater Breathing Apparatus). Bevoegdheid: Voor lichte werkzaamheden in zwembaden, aquariums in dierentuinen, etc. tot 9 meter.

Duikarbeid Categorie A2
Duiken met SCUBA tot 15 meter (Self Contained Underwater Breathing Apparatus). Bevoegdheid: In het kader van openbare orde en veiligheid. (Brandweer) Toelatingseis A1

Duikarbeid Categorie A3
Bevoegdheid: Duiken met SCUBA tot 30 meter (Self Contained Underwater Breathing Apparatus). Voor lichte werkzaamheden in het binnenwater (inshore) tot 30 meter.
Toelatingseis A2

Duikarbeid Categorie B1
Bevoegdheid: Duiken met luchtvoorziening van de oppervlakte (Surface Supply-equipment) in het binnenwater tot 15 meter. (Brandweer) In het kader van openbare orde en veiligheid.
Toelatingseis A2.

Duikarbeid Categorie B2
Bevoegdheid: Duiken met luchtvoorziening van de oppervlakte (Surface Supply-equipment) in binnenwater tot 30 meter. Toelatingseis: A3 en B1

Duikarbeid Categorie B3
Bevoegdheid: Duiken met luchtvoorziening van de oppervlakte (Surface Supply-equipment). Voor alle werkzaamheden in het binnenwater en op zee tot 50 meter.
Toelatingseis: B2

Duikarbeid Categorie B4
Bevoegdheid: Duiken met luchtvoorziening van de oppervlakte (Surface Supply-equipment) inclusief wetbellmodule. Voor alle werkzaamheden in het binnenwater en op zee tot 50 meter.
Note: deze opleiding werd in het verleden ook genoemd HSE Part I, Luchtduikeropleiding, Complete Air Diver Course).
Toelatingseis B3

Duikarbeid Categorie C
Duiken met de droge duikklok (Transport Under Pressure) / saturatieduiken.
Tot op heden is deze opleiding niet in het cursusprogramma opgenomen. Deze duikwerkzaamheden nemen wel toe op ons Continentale Plat. Deze module wordt (nog) niet in de Nederland verzorgd.

Opleiding Duikmedisch Begeleider B1 (voorheen Diver First Aid)

De Duikmedisch Begeleider B1 ondersteunt de duiker bij het verrichten van duikarbeid in de categorieën A1.

De persoon die duikarbeid verricht, is afhankelijk van materieel en van de andere leden van de duikploeg. De Duikmedisch Begeleider in de duikploeg is in staat om in het geval van calamiteiten onmiddellijk assistentie te verlenen. De risico’s van de werkzaamheden worden beperkt door praktische bedrevenheid in de verrichtingen, vertrouwdheid met de werkomgeving en bekendheid met het functioneren van een duikploeg.

Het Werkveldspecifiek Certificatieschema WOD B Bijlage XVId Arbeidsomstandighedenregeling  beschrijft de eisen die gesteld worden aan de persoon die bekwaam is in het verlenen van eerste lijnshulp duikmedische begeleiding

Duur opleiding: 2 dagen exclusief certificering

Certificering: De aanvrager dient in overeenstemming met dit certificatiereglement een aanvraag in voor het Persoonscertificaat Duikmedisch Begeleider bij een certificerende instelling (CI). Vervolgens verstrekt de CI alle relevante informatie over de gang van zaken bij het gehele certificatieproces.
Namens de cursist zal Stichting NOK de aanvraag begeleiden.

Entreecriteria initiële certificering: Voor de certificatie van beperkte duikmedisch begeleiding B1 (WSCS-WOD-B-B1) geldt geen entreecriterium. Het advies luidt echter om een opleiding te volgen. Een optie is om de Herhalingsopleiding Duikmedisch Begeleider B2 te volgen.

De geldigheidsduur van het certificaat Duikmedisch Begeleider B1 is op grond van de risicoanalyse twee kalenderjaren. Na twee jaar volgt de certificaathouder een herhalingsopleiding en moet opnieuw een theorie- en praktijkexamen afleggen. De herhalingsopleiding en examinering is noodzakelijk, omdat de vakbekwaamheid verrichtingen betreft die slechts in noodsituaties worden toegepast en waarin de certificaathouder normaliter geen praktijkervaring opdoet.

Eindtermen: Voor de Duikmedisch begeleider gelden de volgende eindtermen:

  • hij is in staat EHBO-procedures en cardiopulmonaire resuscitatie toe te passen;
  • hij heeft kennis van de medische risico’s met betrekking tot duiken en is in staat preventieve maatregelen te nemen;
  • hij heeft kennis van natuurkunde en heeft uitgebreide kennis van anatomie en fysiologie;
  • hij is in staat de symptomen van duikerziekten te herkennen;
  • hij is in staat de eerste-hulpbehandeling van basale duikmedische aandoeningen toe te passen;

Herhalingsopleiding & Hercertificatie: De kandidaat moet iedere 2 jaar een herhalingsopleiding Duikmedisch Begeleiding B1 volgen en het praktijk- en theorie-examen afleggen. Bij het documentenonderzoek voor het certificeringsproces moet worden overlegd een bewijs van deelname aan een herhalingscursus duikmedisch begeleider B1 dat niet ouder is dan 3 maanden.
Het af te leggen praktijk- en theorie-examen is gelijk als bij initiële certificatie.
Op moment van deelname aan de herhalingsopleiding mag het certificaat Duikmedisch Begeleider B1 niet langer dan zes maanden verlopen zijn.

 

Opleiding Duikmedisch Begeleider B2 (voorheen MAD-A)

De Duikmedisch Begeleider B2 ondersteunt de duiker bij het verrichten van duikarbeid in de categorieën A2, A3, B1, B2, B3 en B4.
De persoon die duikarbeid verricht, is afhankelijk van materieel en van de andere leden van de duikploeg. De duiklocatie is vaak ver verwijderd van medische assistentie en in relatie tot duiken kunnen specifieke complicaties optreden. De Duikmedisch Begeleider in de duikploeg is in staat om in het geval van calamiteiten onmiddellijk assistentie te verlenen. De risico’s van de werkzaamheden worden beperkt door praktische bedrevenheid in de verrichtingen, vertrouwdheid met de werkomgeving en bekendheid met het functioneren van een duikploeg.

Het Werkveldspecifiek Certificatieschema WOD B Bijlage XVId Arbeidsomstandighedenregeling  beschrijft de eisen die gesteld worden aan de persoon die bekwaam is in het verlenen van de duikmedische begeleiding.

Duur opleiding: 7 dagen exclusief certificering

Certificering: De aanvrager dient in overeenstemming met dit certificatiereglement een aanvraag in voor het Persoonscertificaat Duikmedisch Begeleider bij een certificerende instelling (CI). Vervolgens verstrekt de CI alle relevante informatie over de gang van zaken bij het gehele certificatieproces.
Namens de cursist zal Stichting NOK de aanvraag begeleiden.

Entreecriteria initiële certificering: Het voldoen aan de entreecriteria voor de Duikmedisch begeleider B2 wordt beoordeeld door portfoliobeoordeling van de door de kandidaat overlegde documenten, te weten:

1. een EHBO-diploma met reanimatiecertificaat of een ander document waaruit blijkt dat de kandidaat een opleiding heeft gevolgd ten aanzien van EHBO;
2. een bewijs van toelating tot een theoretische en praktische opleiding inclusief praktijkuren tot duikmedisch begeleider afgegeven door een erkend opleidingsinstituut.

Belangrijk: De NOK Opleiding Duikmedisch Begeleider B2 is inclusief algemene EHBO en reanimatie.

De geldigheidsduur van het certificaat Duikmedisch begeleider B2 is op grond van de risicoanalyse twee kalenderjaren. Na twee jaar volgt de certificaathouder een herhalingsopleiding en moet opnieuw een theorie- en praktijkexamen afleggen. De herhalingsopleiding en examinering is noodzakelijk, omdat de vakbekwaamheid verrichtingen betreft die slechts in noodsituaties worden toegepast en waarin de certificaathouder normaliter geen praktijkervaring opdoet.

Eindtermen: Voor de Duikmedisch begeleider gelden de volgende eindtermen:

  • hij heeft kennis van de medische risico’s met betrekking tot duiken en is in staat preventieve maatregelen te nemen;
  • hij heeft kennis van natuurkunde en heeft uitgebreide kennis van anatomie en fysiologie;
  • hij is in staat de symptomen van duikerziekten te herkennen en basaal lichamelijk en neurologisch onderzoek uit te voeren;
  • hij is in staat de eerste-hulpbehandeling van duikmedische aandoeningen toe te passen;

Herhalingsopleiding & Hercertificatie: De kandidaat moet iedere 2 jaar een herhalingsopleiding Duikmedisch Begeleiding B2 volgen en het praktijk- en theorie-examen afleggen. Bij het documentenonderzoek voor het certificeringsproces moet worden overlegd een bewijs van deelname aan een herhalingscursus duikmedisch begeleider B2 dat niet ouder is dan 3 maanden.
Het af te leggen praktijk- en theorie-examen is gelijk als bij initiële certificatie.

Op moment van deelname aan de herhalingsopleiding mag het certificaat Duikmedisch Begeleider B2 niet langer dan zes maanden verlopen zijn.

 

Opleiding Duikploegleider

Duikarbeid is een risicovolle beroepsactiviteit. Om het maatschappelijke belang – veiligheid en gezondheid van en rondom de arbeid – te waarborgen, is door de overheid gekozen voor een wettelijk verplichte certificatieregeling voor de borging van de vakbekwaamheid van personen die leiding geven aan een duikploeg.

Het is voor de veiligheid en gezondheid van de duiker van belang dat de arbeids- en rusttijden worden nageleefd en dat onder alle omstandigheden effectief leiding wordt gegeven aan de duikploeg. De duikploegleider ziet toe op het naleven van de verantwoordelijkheid van de duiker dat hij psychisch en fysiek gereed is voor de werkzaamheden. De duikploegleider ziet toe op de geldigheid van de certificaten van de duikploeg. De duiker is verantwoordelijk dat hij psychisch en fysiek gereed is voor de werkzaamheden. Indien de (reserve)duiker twijfels heeft over zijn gereedheid dan wel zeker weet dat hij niet gereed is voor duikwerkzaamheden moet hij dit terstond melden aan de duikploegleider. De persoon die duikarbeid verricht, is daarnaast afhankelijk van materieel en van de andere leden van de duikploeg. De duikploegleider ziet erop toe dat de duikploeg en het duikmaterieel goed worden ingezet.

De opleiding Duikploegleider (A1 tem B4/C) is ten behoeve van de modules SCUBA (Categorie A) en SSE (Categorie B) en Closed Bell (Categorie C). De Module is afhankelijk van het duikcertificaat.

Het Werkveldspecifiek Certificatieschema WOD L Bijlage XVIb Arbeidsomstandighedenregeling beschrijft de eisen die gesteld worden aan de persoon die duikarbeid verricht. 

Duur opleiding: 5 dagen exclusief certificering

Voor niveau A1 (SCUBA tot 9 meter) kan een aangepaste Duikploegleideropleiding gerealiseerd worden. Echter als één of twee kandidaten op de opleiding meedoen, gelden andere tarieven en behoeven niet alle lessen (internationale wetgeving en SSE) gevolgd te worden.

Certificering: De aanvrager dient in overeenstemming met dit certificatiereglement een aanvraag in voor het Persoonscertificaat Duikmedisch Begeleider bij een certificerende instelling (CI). Vervolgens verstrekt de CI alle relevante informatie over de gang van zaken bij het gehele certificatieproces.

Namens de cursist zal Stichting NOK de aanvraag begeleiden.  

Entreecriteria initiële certificering
De kandidaat wordt toegelaten tot het certificatieproces ter verkrijging van het wettelijk vereiste persoonscertificaat duikploegleider, indien hij voldoet aan de volgende entreecriteria:

  • hij heeft de leeftijd van minimaal 21 jaar bereikt voor A1 en voor duikploegleider bij A2 en A3, A3, B1, B2, B3 of B4 minimaal 24 jaar bereikt;
  • hij voldoet of heeft voldaan aan de beoordelingseisen zoals die gelden voor het verkrijgen van het persoonscertificaat duikmedisch begeleider;
  • hij voldoet of heeft voldaan aan de beoordelingseisen zoals die gelden voor het verkrijgen van het certificaat duikarbeid in de categorie met betrekking tot de soort arbeid die onder zijn verantwoordelijkheid zal worden verricht;
  • hij heeft minimaal 1 kalenderjaar ervaring met duikarbeid A1 en heeft tenminste 30 werkduiken gemaakt, danwel heeft hij 2 kalenderjaren werkervaring als duiker en ten minste 100 werkduiken gemaakt voor de overige certificaten (A2, A3, B1, B2, B3 of B4);
  • hij beschikt over een getuigschrift van een opleiding of is toegelaten tot een theoretische en praktische opleiding tot duikploegleider in de categorie van duikwerkzaamheden waarvoor het certificaat aangevraagd wordt en welke opleiding voldoet aan de volgende eisen:
  • de opleidingsinstelling moet voor het geven van de betreffende opleiding op grond van een toetsing door een onafhankelijke en competente organisatie aantoonbaar voldoen aan de eisen van ISO 9001 voor sector 37 (Opleidingen), NOK is erkend conform SWOD Protocol. 
  • de door de kandidaat gevolgde opleiding moet blijkens een door de opleidingsinstelling afgegeven getuigschrift, het duikerlogboek en het portfolio van de kandidaat aantoonbaar voldoen aan de eisen die dit certificatieschema stelt aan het betreffende opleidingscurriculum, te weten:
  • minimaal 40 uur onderwijs waaronder;
  • minimaal 2 praktijksimulaties waarin de kandidaat is opgetreden als leidinggevende.

Geldigheidsduur van het certificaat: De geldigheidsduur van het certificaat is op grond van de risicoanalyse 4 jaar. De risico’s van de werkzaamheden worden beperkt door praktische bedrevenheid in de verrichtingen, vertrouwdheid met de werkomgeving en bekendheid met het functioneren van een duikploeg. De periode van 4 jaar is voor de certificaathouder noodzakelijk om deze doorlopende beroepservaring te onderhouden. 

Dit aantonen van de doorlopende beroepservaring dient na 2 jaar na datum van uitgifte van het certificaat plaats te vinden. Het tweejaarlijkse portfolio-onderzoek. 

De beoordeling van de doorlopende beroepservaring maakt deel uit van de hercertificatie. De certificaathouder geeft de CI ten minste tweejaarlijks inzage in zijn doorlopende beroepservaring van ten minste 20 duiken waaraan hij de leiding heeft gegeven voor de duikploegleider A1, A2 en B1 dan wel ten minste 30 duiken waaraan hij de leiding heeft gegeven voor de overige subcategorieën dan wel zodra aan deze eis van doorlopende beroepservaring is voldaan.

Voor details de 4-jaarlijkse hercertificatie zie hoofdstuk 11 van het WSCS WOD L

Opleiding Duikerarts

Het Werkveldspecifiek certificatieschema voor het persoonscertificaat Duikerarts Bijlage XVIa Arbeidsomstandighedenregeling is van toepassing.

De kandidaat wordt toegelaten tot het certificatieproces ter verkrijging van het wettelijk vereiste persoonscertificaat duikerarts, indien hij voldoet aan de volgende entreecriteria:

  • hij is ingeschreven als arts voor arbeid en gezondheid in het BIG-register op grond van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg;
  • hij beschikt over een getuigschrift van een theoretische en praktische opleiding van ten minste 25 lesuren en 3 praktijkuren tot duikerarts die periodiek arbeidsgezondheidskundig onderzoek uitvoert bij personen die arbeid onder overdruk verrichten.
  • de opleidingsinstelling is voor het geven van de betreffende opleiding blijkens een openbaar gemaakte lijst door de CKI erkend op grond van vooraf kenbaar gemaakte kwaliteitseisen

Ter verkrijging van de aantekening van bekwaamheid duikerarts B voldoet de kandidaat bovendien aan de volgende aanvullende entreecriteria:

  • hij beschikt op grond van het verslag van een arbeidsgezondheidskundig onderzoek over de geestelijke en lichamelijke geschiktheid tot het verrichten van duikarbeid;
  • hij voldoet ten minste 2 kalenderjaren aan de beoordelingseisen zoals die gelden voor het verkrijgen van het persoonscertificaat duikerarts met bekwaamheid in het uitvoeren van periodiek arbeidsgezondheidskundig onderzoek bij personen die belast worden met duikarbeid;
  • hij heeft in de voorgaande 2 kalenderjaren aantoonbaar ten minste 10 duikmedische herhalingskeuringen per jaar uitgevoerd;
  • hij beschikt over een getuigschrift van een theoretische en praktische opleiding van ten minste 60 lesuren (aanvullend op de onder punt 2 genoemde 25 lesuren) tot duikerarts die geschoold is het uitvoeren van initieel arbeidsgezondheidskundig onderzoek bij personen voorafgaand aan het verrichten van arbeid onder overdruk en het klinisch behandelen na duikmedische incidenten. In het kader van deze opleiding heeft de kandidaat een praktijkstage gelopen bij een duikerarts in categorie B.
  • de opleidingsinstelling is voor het geven van de betreffende opleiding blijkens een openbaar gemaakte lijst door de CKI erkend op grond van vooraf kenbaar gemaakte kwaliteitseisen

De certificaathouder dient te blijven voldoen aan de gestelde geldigheidscondities

De beoordeling van de doorlopende beroepservaring maakt deel uit van de hercertificatie. De certificaathouder geeft de CI inzage in zijn doorlopende jaarlijkse beroepservaring door een jaarlijks overzicht te overleggen van verrichtte her- dan wel inkeuringen en studiepunten. Hierdoor kan de CI de doorlopende beroepservaring met het oog op hercertificatie tijdig bijhouden

Geldigheidscondities Gedurende de looptijd gelden de volgende condities waar de certificaathouder zich aan moet houden. Indien niet voldaan wordt aan deze condities kan dit consequenties hebben voor het certificaat.

  • De duikerarts blijft voldoen aan de gestelde entreecriteria en de daarin gestelde opname in de registers voor bedrijfsartsen;
  • De duikerarts blijft aantoonbaar werkzaam op het niveau en specialisatiegebied waarvoor het certificaat is afgegeven;
  • De duikerarts met de aantekening voor het initiële arbeidsgezondheidskundige onderzoek blijft verbonden aan een instelling met een specialisatie op het gebied van arbeid onder overdruk.

Het certificaat kan worden geschorst wanneer de certificaathouder geen relevante werkervaring kan aantonen.

Voor details hercertificatie zie hoofdstuk 11 van het WSCS WOD A

Gebruik Hogedrukspuit onder water

Doelgroep: Duikers in het bezit van een SWOD Certificaat B2, B3, B4 of C.

Duur Opleiding: 1 dag

De cursus omvat theoretische en praktische kennis betreffende de algemene veiligheidseisen, beoordelen van gedegen apparatuur, inspectie en onderhoud, duikuitrusting, (veiligheids)procedures, communicatie en de praktijk, het daadwerkelijk gebruik van de hogedrukspuit onder water.

Diving Safety Course

Doelgroep:  Uitvoerders van baggeraars, maar ook voor kantoorpersoneel van duikbedrijven en/of maritieme sector.

Doel van de Diving Safety Course is, uitvoerders en projectleiders werkzaam op baggervaartuigen, de noodzakelijke duiktechnische kennis te verschaffen die nodig is om duikwerkzaamheden veilig uit te laten voeren. Tijdens de cursus wordt de Arbo-regelgeving kort doorgenomen en op een aantal punten nader toegelicht. Er wordt ingegaan op de specifieke risico’s die het duiken in een industriële omgeving met zich meebrengt. Bijzondere aandacht krijgen die duikwerkzaamheden waar baggeraars in de praktijk mee te maken hebben.  Vervolgens wordt aandacht besteed aan de theorie m.b.t. de duikuitrusting, luchtverbruik, decompressie en restricties na het duiken.

Tenslotte is er een praktisch deel, waarbij aan de hand van checklists wordt getoond wat voor de verschillende werkzaamheden deugdelijk materieel is, waar op gelet moet worden, en waar het in de praktijk nog al eens mis gaat, en maat de cursist kennis met de diverse duiksystemen.

De cursus is destijds ontwikkeld in samenwerking met de  Veiligheidscommissie van de toenmalige VBKO, de Vereniging van Waterbouwers in Bagger-, Kust- en Oeverwerken. (Heden: Vereniging van Waterbouwers)

Duur opleiding: 1 dag

Opleiding op maat bij Herintreding

De kandidaat die beschikt over een certificaat waarvan de geldigheidsduur is verlopen en/of niet voldoet aan de eisen gesteld aan de procedure tot hercertificatie, moet een initiële certificatie aanvragen bij de certificerende instelling. De certificerende instelling gaat dan over tot het vaststellen van het theorie-examen en praktijkexamen waarmee de vakbekwaamheid van de kandidaat kan worden getoetst. De kandidaat dient ook te voldoen aan de reguliere gestelde entree-eisen. De ertificerende instelling kan, uit het oogpunt van veiligheid, als aanvullende maatregel opleggen dat de kandidaat eerst een opleiding(module) moet volgen alvorens een examen afgenomen kan worden.

Stichting NOK kan een opleiding op maat verzorgen en/of een oefentoets afnemen. 

Duur afhankelijk van het advies van de certificerende instelling

Kosten: op offertebasis

Dit geldt voor Duikploegleider, Duiker, Duikerarts en Duikmedisch Begeleider. Zij kunnen direct contact opnemen met Stichting NOK post@nokwoo.nl

Fotogalerie:

DUC-Urk-2014-mogen-we-gebruiken-(17).jpg IHC-Hytech-foto-voor-website-2014-(9).jpg DUC-Urk-2014-mogen-we-gebruiken-(22).jpg IHC-Hytech-foto-voor-website-2014-(6).jpg IHC-Hytech-foto-voor-website-2014-(3).jpg IHC-Hytech-foto-voor-website-2014-(8).jpg Svitzer-Salvage-2014-Ulf-goedgekeurd-voor-gebruik-(7).jpg IHC-Hytech-foto-voor-website-2014-(1).jpg Svitzer-Salvage-2014-Ulf-goedgekeurd-voor-gebruik-(36).jpg Svitzer-Salvage-2014-Ulf-goedgekeurd-voor-gebruik-(33).jpg IHC-Hytech-foto-voor-website-2014-(4).jpg IHC-Hytech-foto-voor-website-2014-(5).jpg IHC-Hytech-foto-voor-website-2014-(10).jpg IHC-Hytech-foto-voor-website-2014-(2).jpg IHC-Hytech-foto-voor-website-2014-(7).jpg